Anonimisering, pseudonimisering en overige gegevensbeschermingsmaatregelen
Wanneer mag ik bijzondere persoonsgegevens gebruiken?
De situaties waarin je bijzondere persoonsgegevens mag gebruiken staan omschreven in AVG artikel 9 lid 2. Voor wetenschappelijk onderzoek zijn de volgende situaties het meest relevant:
- Deelnemers hebben expliciet toestemming gegeven voor het gebruik van de bijzondere persoonsgegevens. Deze situatie is op het meeste medische onderzoek van toepassing;
- Deelnemers hebben zelf de bijzondere persoonsgegevens openbaar gemaakt, bijvoorbeeld op openbare social media of fora. Je mag dit soort gegevens dan hergebruiken voor wetenschappelijke onderzoeksdoeleinden, omdat deelnemers dan redelijkerwijs zouden kunnen verwachten dat dat gebeurt;
- Het gebruik van de bijzondere persoonsgegevens is noodzakelijk voor wetenschappelijke doeleinden en het is aantoonbaar onmogelijk of kost onredelijk veel moeite om expliciete toestemming te verkrijgen.
Als je bijzondere persoonsgegevens gebruikt, mag dat dus alleen in één van de geschetste scenario's. Daarnaast vereist het gebruik van bijzondere persoonsgegevens, net als “gewone” persoonsgegevens:
- Dat je deelnemers goed informeert;
- Dat je een grondslag hebt om de gegevens te gebruiken (bijv. toestemming);
- Dat je maatregelen toepast om de gegevens te beschermen, zoals gecontroleerde toegang, pseudonimisatie, encryptie, etc. Zie deze FAQ voor meer mogelijke maatregelen;
- Dat je alleen die persoonsgegevens verzamelt, die nodig zijn om je onderzoeksvraag te beantwoorden (dataminimalisatie).
Laatst bijgewerkt op 16-10-2023.